Ciao

Gerard van Dongen op Italiaanse Racefietsen

Gerard

De maand oktober was voor mij qua aantal fietskilometers een historisch dieptepunt. Natuurlijk begon oktober fantastisch met L’Eroica in het eerste weekend. Maar na het stofhappen op oude verwarmingsbuizen is het niet veel geweest. Geen doel op korte termijn en dan zakt de prikkel om te gaan fietsen toch wat weg.

Tot de week van begin november. Zelfs zo warm dat het verantwoord was om in een korte broek te gaan. Een blik naar buiten gaf me het gevoel dat het een Italiaans voorjaar was. Een paar dagen “Primavera”. Heerlijk! Zalig! Ik heb een kleine dertig wielershirts maar er was er nu maar één die van toepassing was. “La maglia di Velo Club Modena”. Niet alleen het shirt maar ook de broek. Een geschenk van m’n fietsmaatjes uit Modena en een tikje trots sprong ik op m’n Coppi.

Ik nam me voor om in de polder iedereen met een hartelijk “CIAO” gedag te zeggen. Zoals ze dat op het platteland in Italië doen. Ik wilde dit jaar nog één dag dat maximale Italiaanse gevoel. Luchtstroom langs je benen, zon op je konen, druppels onder je helm vandaan, de juiste fiets, benen waren nog goed brui, het juiste tenue… Ik was m’n woonplaats nog niet uit en er kwamen twee fietsers aan. “CIAO!” Geschokt keken ze me aan. Even later een mevrouw op een scootmobiel. Na mijn ciao keek ze me aan of ik het ding van haar wilde stelen. Er zaten Japanse onderdelen op dus ik had echt geen interesse.

Gelukkig kwam daarna een groep pubers. Ze vonden het geweldig! In vijf verschillende talen kreeg ik een begroeting terug. Lekker door elkaar schreeuwen want zo zijn pubers. Weer even verder werd het echt leuk. Na m’n ciao kwam er van de andere kant: “Italiaan?” en ik – met een misplaatste zelfverzekerdheid – gooide er een enthousiaste “SI” uit. Direct gevolgd door “parliamo Italiano?” “nee, nee” was dan doorgaans de respons. Waarop ik er een tikje zielig maar ook opgelucht “peccato” uitgooide.

Tientallen minigesprekjes vonden op deze manier plaats tijdens m’n rondje “handjes op het stuur”. Van “Bel tempo” “Pui Vento” tot echt lastige vragen die er voor zorgde dat ik snel doorfietste. Stel je voor dat ik iemand zou treffen die echt heel goed Italiaans zou spreken. Het ging uiteindelijk om het gevoel en niet voor een tien voor taal. Heerlijk even dat Italiaanse gevoel. Lekker trappen, handjes op het stuur, zon en vooral ongecompliceerd enthousiast groeten.

Heel even was Italië heel dichtbij.

Foto: tijdens de donderdag training voor L’Eroica draag ik waardig het shirt van Velo Club Modena en voer ik de forcing op de Passo Scalucchia. Een onbekende maar zeer lastige beklimming in de Apennijnen.

Gerard van Dongen heeft in de jaren zeventig een beetje gekoerst. De tachtiger en negentiger jaren vulde hij met toerfietsen. De laatste jaren is Gerard vooral op zoek naar wielerromantiek. De fietsavonturen en andere hobby’s van Gerard kun je volgen op zijn blog.

Pin It


1 Reactie op “Ciao

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *