De Giro weent

Gerard van Dongen op Italiaanse Racefietsen

Gerard

Ik ben deze weken thuis erg druk met een grote verbouwing. Hierdoor kwam de column voor IR van deze maand flink onder druk te staan. Afgelopen zondagavond toch wat in elkaar geknutseld. Uiteraard over de Giro dus over Coppi en over Bianchi. Een mooie strofe over de Cima Coppi en hoe geweldig het is om dat soort beklimmingen zelf te doen. Voor de passieve wielerfans had ik tot slot nog wat tips om de Giro live te beleven.

Afgelopen maandag was ik drie keer naar de gemeentewerf gereden om grof vuil te dumpen. Een vaatwasser, keukenkastjes en een afzuigkap. Drie keer een volle auto. Ook veel keukenspul wat voor het eerst sinds veertien jaar uit de kastjes was gekomen. Zo’n verbouwing ruimt wel op maar kost ook smerig veel tijd. Kamperen in je eigen huis heeft overigens ook wel wat.

Weinig tijd dus voor andere projecten dus. Toch afgelopen maandag de laatste 30 kilometer van de Giro kijken. De Tour boeit me nooit zoveel maar de Giro wil ik eigenlijk niks van missen. Om wat tijd te winnen nam ik de laptop op schoot om m’n column voor deze maand op scherp te zetten. De laatste braampjes wegwerken zeg maar. De ene column zal eens wat beter lukken dan de ander, maar ik probeer er altijd toch serieus werk van te maken. Katten, konijn, cavia’s en schildpad de tuin in, TV aan, laptop aan, lekker glaasje whisky en genieten maar.

Nog geen vijf kilometer verder en mijn column was een zinloze prul en genieten een onmogelijke opgave. Een schuiver van een renner haalde letterlijk een streep door het verhaal. Wanhopige reporters hoopte, op Twitter begonnen ongelovigen te bidden, doktoren vochten en familie smeekte. Op Twitter melde iemand dat er een hartslag zou zijn… er zou… er zou…

Het close up shot wat even in beeld was vertelde me genoeg. Ik had geen hoop. M’n ogen prikten en m’n maag verkrampte. Machteloos gooide ik de laptop van me af en begon te ijsberen. Eigenlijk maakt het niet uit wie het is maar je wilt het weten. Wie? Wie? Wie? Wouter… Wouter Weylandt. Een renner die wellicht minder aan de oppervlakte kwam dan zijn talenten doen vermoeden. In z’n jonge carrière onevenredig veel tegenslag. Wouter… Wouter.

Vorig jaar trok hij tijdens de Giro nog aan me voorbij. Ik stond aan mijn trainingsrondje waar de Giro passeerde. Na de passage snel naar huis waar ik nog net kon zien hoe Wouter zijn handen naar de hemel stak. Die hemel is sneller dichterbij gekomen dan we allemaal willen. Te jong. Veel te jong. Jonge gasten als Wouter moeten hun ambities leven. Die moeten hun dromen volgen, hun begeertes volgen, hun passie beoefenen en hun wensen vullen. Jonge mensen moeten zich laven aan alles wat het leven te bieden heeft.

Op 7 april heb ik Wouter nog zien fietsen. In een klein Frans dorpje met zijn ploeggenoten op verkenning voor Parijs-Roubaix. Hij zat dik ingepakt na een val in de Scheldeprijs maar zat zoals altijd met een glimlach op de fiets. Achterin het groepje babbelen met een ploegmaat. Ze zullen z’n lach en babbel missen.

M’n oorspronkelijk column ging over de Cima Coppi, de Giro als vakantie-uitje en de vele monumenten langs de wegen waar de Giro passeert… Helaas gaat er daar een bijkomen. Een monument als herinnering aan een frisse vrolijke jonge vent die door een sullig ongeluk veel en veel te vroeg uit het leven is weggerukt.

Wouter rust zacht.

Wouter aan de staart van de Leopard ploeg op verkenning voor Parijs-Roubaix.

Gerard van Dongen heeft in de jaren zeventig een beetje gekoerst. De tachtiger en negentiger jaren vulde hij met toerfietsen. De laatste jaren is Gerard vooral op zoek naar wielerromantiek. De fietsavonturen en andere hobby’s van Gerard kun je volgen op zijn blog.

Pin It


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *